Scenedoku
Logicazaken op de plaats delict
Sluitingstijd
Galway, een regenachtige donderdag · de stadsbibliotheek om kwart voor acht · een oude parochiekaart en een lege stoel · Moeilijkheid: Agent 3 · 6×6
Galway, stadsbibliotheek, een regenachtige donderdagavond. Vincent, gepensioneerd leraar en lokaal historicus, kopieerde oude kaarten in de Streekgeschiedenis en merkte dat er een kaart ontbrak in zijn map. Voor sluitingstijd waren zes mensen in de bibliotheek. Vincent werd dood gevonden. De kaart kwam nooit boven water.
Regels
- Elke rij en elke kolom bevat precies één persoon. Zodra je iemand plaatst, streep je zijn hele rij en kolom door.
- „Naast” = direct links, rechts, erboven of eronder, en in hetzelfde gebied. Vakjes met een voorwerp (de balie, de tafel, de lamp, de boekenkasten, de wereldbol, het poppenhuis en het bureau) kunnen niet bezet worden; de fauteuil, de stoelen en de zitzak wel.
- Richtingen slaan op rijen en kolommen, niet op dezelfde lijn: „precies één rij ten noorden van hem was een vrouw” = de persoon in de rij direct erboven was een vrouw, in eender welke kolom; „de noordelijkste persoon in haar gebied” = niemand anders in haar gebied was in een rij hogerop.
- De moordenaar was alleen met het slachtoffer: niemand anders was in dat gebied. Het slachtoffer legde geen verklaring af – ook zijn vakje volgt uit die van de anderen.
Verklaringen
- Ailbhe (bibliotheekdirectrice): Ze was naast een boekenkast.
- Bronagh (bibliothecaresse): Ze was naast de lamp. Ze was alleen in haar gebied.
- Cillian (conciërge): Precies één rij ten noorden van hem was een vrouwelijke lezer. De zitzak stond ergens in zijn kolom.
- Declan (lezer): De wereldbol stond ergens in zijn rij.
- Eimear (studente): Het bureau stond ergens in haar gebied.
- Vincent (lokaal historicus): Het slachtoffer. Hij was alleen met de moordenaar.